Venus – personages

VENUS   ….. dat is de ondubbelzinnige titel van de film in de regie van Roger Michell, verschenen in 2006 in Groot-Brittannië.

VENUS – niet meer en niet minder! Zo heet de film. Simpelweg de naam van de wereldbekende Romeinse godin van de liefde. Je zou je bijna afvragen of de maker niet een wat originelere titel voor de film had kunnen bedenken. Wat minder plompverloren. Of met een toevoeging aan die al te bekende naam. Zoiets als “Venus en de grijsaard”… of “Venus in London”…. of “Venus aflevering zoveel”. Maar nee: VENUS – en daar blijft het bij. Toch klopt dat wel in dit geval, eerlijk gezegd. Wat mij betreft heeft deze film het recht op uitsluitend en alleen de unieke naam VENUS wel degelijk verdiend.

De titel van de film verwijst naar een schilderij van Diego Velázquez (1599 – 1660). De titel van dat schilderij gebruikt wat meer woorden: “Venus voor de spiegel” (1651). Het hangt in de National Gallery in Londen, waar de oude man, de jonge vrouw en de eeuwige Venus elkaar vinden.

Deze Venus van Velázquez is bepaald niet de eerste in het rijtje gelijknamigen. Het bekende Griekse standbeeld Aphrodite van Milo (voorgangster van Romeinse Venus) dateert van 130 voor Christus. Op onderstaande afbeelding lijkt het beeld misschien wel vele meters hoog, maar dat komt doordat de toeschouwers achter in beeld wat verder weg staan dan gedacht. Perspectivisch bedrog dus. Het marmeren beeld is 2.02 meter groot. De kleurrijke beschildering ervan is verdwenen, evenals de sierraden die zij droeg. Ook beide armen zijn verloren.

Waarschijnlijk had Venus in de linkerhand een appel vast. De appel is sindsdien, in alle volgende eeuwen, een rekwisiet dat we in talloze schilderijen, toneelstukken en films onvermijdelijk tegen komen. Soms heel nadrukkelijk, op markante plekken, maar vaak ook subtiel, met een kleine knipoog, op de achtergrond – zoals in de film The Unbearbale Lightness of Being, waar HIJ tussen neus en lippen in een appel hapt wanneer er aangebeld wordt en hij de deur opent… en jawel…daar staat ZIJ dan…! Plotsklaps visite. De liefde (of de lust) komt uit de lucht vallen. Hapklaar. Zijn appel vliegt al snel door de kamer en via een acrobatische paringsdans belandt het kersverse duo in het bed. In dit geval is het overigens niet Eva, maar Adam die de (verboden?) appel in de hand heeft – waar vervolgens Eva van harte op inspringt. Zo gaat dat met de appel, symbool van vruchtbaarheid. Bij de Venus van Milo is de appel dus helemaal verdwenen. Helaas.

Hieronder de Venus van Milo en vervolgens slechts enkele van de talloze opvolgsters op het platte doek. Met grote sprongen in de tijd zien we hoe Venus gestalte krijgt. Met alle overeenkomsten en verschillen.

Venus is van alle tijden, zo te zien. De laatst getoonde Venus in het rijtje hierboven is opmerkelijk in het rijtje. Terwijl in alle eeuwen Venus naakt werd afgebeeld, zonder (al te grote) problemen, zo zorgde de versie van Manet voor grote opschudding. Want deze dame straalde niets goddelijks uit – ze lag gewoon alledaags in het hedendaagse bed, het zou je buurvrouw kunnen zijn, en dan ook nog…. ze KIJKT ONS RECHT IN DE OGEN!  Sans gêne – zonder schaamte. En dat werd als ongehoord en provocerend ervaren. Het was dan ook overduidelijk een prostituee. Het doet achteraf – met grote sprong in de tijd – wat denken aan het verschijnen van Phil Bloom die in 1967 als eerste vrouw naakt verscheen op de Nederlandse televisie. Dat beeld leidde tot volle kranten en stevige maatschappelijke discussies. Enkele tientallen jaren later worden we nu als vanzelfsprekend aan de lopende band overspoeld met porno. The times they are a-changin’. 

Via deze omweg belanden we dan weer bij onze Venus, die uiteindelijk op wonderlijke wijze de personages Maurice en Jessie samen laat komen – raar maar waar. En deze Venus van Velázquez onderscheidt zich op overduidelijke wijze van de rest. Dat had u uiteraard direct al gezien. Want terwijl alle andere Venussen open en bloot worden vertoond, met onbedekte borsten en schaamstreek, zo zien wij bij onze Venus niets van dat alles: wij zien haar op de rug. Geen borsten, geen schaamstreek.

Een plaatje zonder aanleiding tot preuts commentaar. Het schilderen van naakten was in de tijd van Velázquez een riskante actie. Dit schilderij maakte hij in opdracht van koning Filips IV van Spanje, die regeerde vanuit streng katholiek geloof, met de inquisitie als machtsmiddel.  Enige zelfcensuur was geen overbodige luxe. Vandaar een voorzichtige kijk op Venus.

Afgezien van de historische verklaring van deze Venus-op-de-rug-gezien, vind ik deze afbeelding van Venus, binnen deze film, juist wel een prachtige keuze! Het gaat hier immers niet om die begeerde edele delen, maar om het vermoeden daarvan….. De schoonheid wordt niet rechtstreeks vertoond, maar we mogen die raden, we kunnen die zelf invullen. Zo is deze Venus niet één specifieke figuur met één uiterlijk, maar een open verwijzing naar een niet te vertonen ideaal.

Het gezicht in de spiegel had van mij wat vager gemogen. Op onderstaande foto voor de affiche van de film is de spiegel met het gezicht van Venus wat meer naar de achtergrond geschoven en zodoende nauwelijks nog te zien. De aandacht gaat hier meer naar de gekleurde fles, die als eigentijds rekwisitiet is toegevoegd. In deze 20ste eeuwse variant is het lichaam van Venus zelfs nog wat afgedekt met een laken. De pose van het lichaam is vrijwel identiek: vergelijk bijvoorbeeld de stand van de voeten. Nieuw is de opgeheven linkerarm met de fles in de hand.

Na het overlijden van Maurice poseert Jessie weer voor de schilders. Nu zonder enig probleem. Zij staat nu voluit en onvoorwaardelijk in het leven, met grote dank aan Maurice, die uiteraard vanuit de hemel tevreden toeziet op dit aardse gebeuren. Hier transformeert Jessie dan letterlijk tot de verschijning van VENUS. Ze staat model voor de schilders. Niet beschaamd, ook niet uitdagend, maar gewoon als zichzelf – niet meer of minder dan wie zij werkelijk is.

Venus leeft. En de liefde is van alledag.